![]() |
![]() |
|
| Home - Opleidingen - HBO - Specifieke Lerarenopleiding - Historiek | ||
|
Historiek van de specifieke lerarenopleiding
Toen in 2003 het parlement de beslissing nam om het Vlaamse hoger onderwijs te herstructureren en de bachelor-master structuur in te voeren, werd besloten de lerarenopleidingen hier deels buiten te houden. De graduaten die aan de hogescholen ingericht werden en leidden tot het diploma van gegradueerde voor het kleuteronderwijs, het lager onderwijs of het secundair onderwijs groep 1, werden omgevormd tot bacheloropleidingen in het onderwijs.
Sinds 1987 vervangt de Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid-opleiding kortweg GPB-opleiding de vroegere “normaalleergangen” of D-cursus in de Centra voor volwassenonderwijs (CVO).
De GPB-opleiding stemt zich via een flexibel modulair en deeltijds aanbod (overdag, avond, weekend) af op het profiel van volwassenen, al dan niet met een beroeps- en/of dagtaak. Sinds 2002 zijn de GPB-opleidingen vanuit de reglementering op de bekwaamheidsbewijzen het equivalent van de AILO en ILOAN.
Sinds het decreet van 6 december 2006 kan men in twee soorten trajecten tot leraar opgeleid worden, namelijk een geïntegreerde lerarenopleiding, waarbij gedurende de gehele opleiding een integratie van vakinhoudelijke en pedagogisch-didactische onderdelen wordt nagestreefd of een specifieke lerarenopleiding na een vakinhoudelijke basisopleiding of een beroepservaring. Een specifieke lerarenopleiding kan in drie vormen worden aangeboden: als een aansluitende opleiding bij een vakinhoudelijke opleiding, als een ingebouwde opleiding als deel van een afstudeerrichting van een vakinhoudelijke opleiding, of als een aparte opleiding voor mensen die vanuit een beroepservaring de stap naar het lerarenberoep willen zetten. Deze opleidingen leiden alle tot één diploma: het diploma van leraar.
Het is ook mogelijk de praktijkcomponent te vervullen in een LIO baan (leraar in opleiding baan). Een LIO laat toe dat een aspirant-leraar via een leerwerktraject – een inservicestage - de basiscompetenties voor leraren ontwikkelt. De praktijkcomponent wordt in een LIO-baan ingevuld door 500 uren-leraar (of lesuren, leraarsuren of lestijden afhankelijk van het onderwijsniveau) op jaarbasis. Het decreet laat toe dat indien de LIO er niet in slaagt deze 500 uren te presteren, de inservicestage kan worden aangevuld met gewone preservicetraining. Een LIO-baan slaat de brug tussen de lerarenopleiding en de school. De aspirant-leraar wordt begeleid door een mentor van de school waar hij/zij werkt en door de lerarenopleiding waar hij/zij les volgt. De lerarenopleiding blijft de eindverantwoordelijke voor de diplomering. Expertisenetwerk en regionaal platform voor de lerarenopleiding Momenteel zijn er vier expertisenetwerken en één regionaal platform: - het Brussels Expertisenetwerk (BEO) - het Expertisenetwerk Lerarenopleidingen Antwerpen (Elant) De vier expertisenetwerken en het regionaal platform hebben een beheersovereenkomst met de Vlaamse overheid en ontvangen financiering voor hun werkzaamheden. De beheersovereenkomst geeft de expertisenetwerken en het regionaal platform onder meer taken op vlak van interne kwaliteitszorg, stageregistratie en vakdidactiek.
CVO PANTA RHEI de Avondschool maakt deel uit van het expertisenetwerk Lerarenopleidingen van de Associatie Universiteit Gent (AUGent)
|
|||
| ©2004 Avondschool.be - info@avondschool.be - T:09 243 87 99 - Adressen |