De avondschool - Banner   De Avondschool - Servicemenu
De Avondschool: -Banner Home - Hervormingen Volwassenenonderwijs 2007
   

Hervormingen volwassenenonderwijs

SEPTEMBER 2007

      

In 2007 voert de Vlaamse Overheid een grondige hervorming van het volwassenenonderwijs door.

Via een nieuwe decreet wil de Vlaamse Regering een aantal maatregelen treffen om het volwassenenonderwijs op langere termijn sterker, beter, soepeler en evenwichtiger gespreid te maken. 

   

Op deze webpagina proberen we een zo objectief mogelijke overzicht te geven m.b.t. de hervormingen en het nieuwe decreet op het volwassenenonderwijs.

   

   

Overzicht

   

       

            

Inleiding

Waarom het volwassenenonderwijs hervormen ?

      

Volgens een Europese norm moet het percentage volwassenen tussen 25 en 64 jaar dat deelneemt aan permanente vorming 12,5 procent bedragen. Met 9,1 procent (2005) scoort België in Europa eerder middelmatig en beduidend onder de opgelegde norm.

     

Via o.a. het Pact van Vilvoorde (22 november 2001) wou de Vlaamse regering de oproep van de Europese Gemeenschap (Top van Lissabon) tot de uitbouw van een concurrentiële en dynamische kenniseconomie beantwoorden.

   

Er werden toen 21 doelstellingen geformuleerd die concreet én meetbaar werden gemaakt en er werden meetinstrumenten ontwikkeld om de stand van zaken jaarlijks te kunnen evalueren.

      

       

DOELSTELLING 1 VAN HET PACT VAN VILVOORDE

In 2010 is Vlaanderen verder geëvolueerd naar een lerende samenleving.

Minstens 12,5 procent van de Vlaamse inwoners tussen 25 en 64 jaar neemt dan deel aan permanente vorming.

      

        

de cijfers ... 

  2000 2001 2002 2003 2004 2005
Vlaams Gewest 6,9 7,4 6,7 7,6 9,8 9,1
Europa 8,4 8,3 8,4 9,6 10,6 11,9

    

De inspanningen van de Vlaamse Overheid (o.a. de campagne "word wat je wil", de opleidingscheques, ...) om de deelname van volwassenen aan opleidingen te stimuleren, hadden wel degelijk succes.

     

Het in 2005 gemeten percentage van 9,1 ligt echter nog veraf van de vooropgestelde 12,5% die de Vlaamse Regering in 2010 wil behalen.

   

De overheid moet dus nog grote inspanningen doen om haar streefdoel te bereiken maar stelt tegelijk vast dat een grotere deelname van volwassenen aan o.a. het volwassenenonderwijs een zware last legt op de begroting.

    

Om de kans op slagen maximaal te maken zullen de beschikbare middelen zo rationeel mogelijk moeten worden aangewend. Eén van de pogingen hiertoe is de hervorming van het decreet op het volwassenenonderwijs.

    

Via een nieuw decreet wil minister Frank Vandenbroucke het volwassenenonderwijs naar eigen zeggen sterker, beter, soepeler en evenwichtiger gespreid maken.

  

Wat zijn de gevolgen van het nieuwe decreet

voor de cursist ?

    

1) Verhoging van het inschrijvingsgeld

In eerste instantie zal de cursist de gevolgen van het nieuwe decreet in de portemonnee voelen. Het inschrijvingsgeld wordt immers opgetrokken naar 1 euro (*) per lestijd.

(*) Tijdens schooljaar 2007-2008 geldt een overgangsmaatregel waarbij de Centra voor Volwassenenonderwijs zelf het inschrijvingsgeld kunnen bepalen tussen 0,80 euro en 1 euro per lestijd. Vanaf het schooljaar 2008-2009 geldt het standaardtarief van 1 euro.

                   

1 lestijd = 50 minuten

De minister hoopt door deze eerder onpopulaire maatregel behalve het genereren van meer inkomsten voor het volwassenenonderwijs te bereiken dat curisten zich meer bewust gaan inschrijven en minder snel afhaken. Door meer te betalen zullen cursisten zich meer verantwoordelijk voelen aldus de minister en vaker slagen.

     

           

2) Invoering van het Hoger Beroepsonderwijs (HBO)

  

Het nieuwe decreet splitst het volwassenenonderwijs op in 3 niveaus:

  1. Basiseducatie
  2. Secundair Volwassenenonderwijs
  3. Hoger Beroepsonderwijs (HBO) = graduaat

  

Voor basiseducatie kan de cursist terecht in de centra voor basiseducatie (CBE).

Beide andere niveaus worden ingericht door de centra voor volwassenenonderwijs (CVO).

 

De term "onderwijs voor sociale promotie" wordt binnen het nieuwe decreet niet meer gebruikt.

   

Door de invoering van het "hoger beroepsonderwijs" (HBO) als nieuw onderwijsniveau wil de overheid voor een duidelijke niveaubepaling zorgen voor de door het volwassenenonderwijs georganiseerde graduaatopleidingen.

 

Hieronder worden alle beroepsgerichte opleidingen verstaan, tussen secundair onderwijs en de professionele bachelor.

 

Met de invoering van HBO zal het vroegere "Hoger Onderwijs voor Sociale Promotie" volgens minister Vandenbroucke een echte erkenning krijgen als onderwijsniveau.

      

          

3) Gewijzigde condities i.v.m. vrijstelling van inschrijvingsgeld

 

De voorwaarden om vrijstelling van inschrijvingsgeld te bekomen werden aangepast.

Er gelden 3 verschillende verminderde tarieven:

  

1) 0 euro per lestijd (= volledige vrijstelling)

2) 0,25 euro per lestijd

3) 0,50 euro per lestijd

Een cursist kan ook gedeeltelijk vrijgesteld worden van betaling van inschrijvingsgeld via het systeem van plafonnering van het inschrijvingsgeld. Per schooljaar en per opleiding wordt een maximumbedrag (=plafond) aan inschrijvingsgeld vastgelegd.

   

Andere tegemoetkomingen zoals de "opleidingscheques" blijven bestaan. Via het systeem van opleidingsheques kan de cursist tot 50% van het inschrijvingsgeld terugbetaald krijgen.

         

>>> raadpleeg de lijst met van inschrijvingsgeld vrijgestelde cursisten

>>> meer info over het systeem van plafonnering van het inschrijvingsgeld

>>> meer info over de opleidingscheques

        

             

4) Wijziging van de toelatingsvoorwaarden

  

De voorwaarden om als cursist toegelaten te worden tot het volwassenenonderwijs werden licht gewijzigd en aangepast aan een aantal recente onderwijsvernieuwingen waaronder de invoering van de BAMA-structuur.

 >>> raadpleeg de voorwaarden om toegelaten te worden tot het volwassenenonderwijs

  

5) Geheel vernieuwde lerarenopleiding

   

Vanaf 1 september 2007 wordt de lerarenopleiding (voorheen GPB-opleiding = getuigschrift pedagogische bekwamheid of D-cursus) volledig hervormd.

       

             

6) Consortia Volwassenenonderwijs

Het volwassenenonderwijs wordt versnipperd aangeboden in talrijke centra voor volwassenenonderwijs, verdeeld over meerdere onderwijsnetten. Door gebrek aan overleg bieden veel centra dezelfde cursussen aan terwijl andere opleidingen vaak ten onrechte nog nauwelijks worden georganiseerd.

 

Door de centra te verplichten onderling samen te werken hoopt de minister het aanbod evenwichtiger over de centra te verspreiden en zodoende de onderwijsmiddelen op meer rationele wijze te benutten.

       

Vanaf september 2008 worden de centra voor volwassenenonderwijs (CVO) en de centra voor basiseducatie (CBE) daarom (quasi) verplicht te gaan samenwerken in netoverschrijdende consortia.

 

Binnen de consortia kunnen de centra onderling bepalen wie wat aanbiedt. Door samenzettingen van curisten over de centra heen te realiseren, kunnen de klasgroepen voldoende groot worden gehouden. Cursisten zullen voor een vervolgopleidinggemakkelijker doorverwezen kunnen worden naar een naburig centrum en aldus iets meer mobiel moeten zijn.

       

Er zijn 13 werkingsgebieden omschreven.

Per gebied is 1 consortium volwassenenonderwijs actief.

De provincie Oost-Vlaanderen wordt opgesplitst in 3 consortia (9- 10 & 11)

          

Elk centrum voor volwassenenonderwijs kan meerdere vestigingsplaatsen hebben doch slechts één hoofdvestigingsplaats. De gemeente waar de hoofdvestigingsplaats ligt, bepaalt tot welk consortium het centrum behoort.

         

CVO PANTA RHEI de Avondschool met hoofdzetel te Gent (schoonmeersstraat 26) hoort tot

consortium 11 (regio Gent/Eeklo).

     

    

      

Het werkingsgebied van "consortium 11" strekt zich uit over volgende gemeenten: 

  

Aalter, Assenede, De Pinte, Deinze, Destelbergen, Eeklo, Evergem, Gavere, Gent, Kaprijke, Knesselare, Lochristi, Lovendegem, Maldegem, Melle, Merelbeke, Moerbeke, Nazareth, Nevele, Oosterzele, Sint-Laureins, Sint-Martens Latem, Waarschoot, Wachtebeke, Zelzate, Zomergem, Zulte.

     

    

    

   

  

Op bovenstaande kaart werden de gemeenten waarbinnen momenteel een centrum voor volwassenenonderwijs of een centrum voor basiseducatie actief is, paars ingekleurd.

    

Volgende centra maken deel uit van consortium 11:

     

Centra voor volwassenenonderwijs

  • CVO de Bargie
  • CVO ISBO Zelzate
  • CVO KISP
  • CVO Leerdorp
  • CVO PANTA RHEI de Avondschool
  • CVO VIVA Oost-Vlaanderen
  • CVO VSPW
  • PCVO Het Perspectief
  • PCVO Meetjesland
  • CVO IVO Brugge (campus Maldegem)
  • CVO Spermalie Brugge (campus Gent)

   

Centra voor basiseducatie

  • CBE Gent
  • CBE Meetjesland

      

    

Toelichting en standpunt vanwege CVO PANTA RHEI de Avondschool

              

Het is in iedereens voordeel dat het volwassenenonderwijs rationeel wordt uitgebouwd. De sterke verbondenheid van het volwassenenonderwijs met het leerplichtonderwijs (meestal scholen voor secundair onderwijs), speelt hierbij niet steeds in het voordeel van het volwassenenonderwijs.

      

Het aanvankelijke idee om schoolinfrastructuur optimaal te benutten en gebruik te maken van de leegstand van scholen na 17u om er avondlessen voor volwassenen te organiseren heeft goed gewerkt doch is door de toenemende behoefte aan opleidingen voor volwassenen en de vraag naar meer professionalisering helaas niet meer aangepast aan de huidige behoeften van het volwassenenonderwijs.

      

De term "avondschool" dekt al lang de lading niet meer. Opleidingen voor volwassenen worden de klok rond georganiseerd. Steeds meer volwassenen wensen overdag opleidingen te volgen. Helaas is dit niet overal mogelijk omdat veel centra voor volwassenenonderwijs voor het organiseren van hun opleidingen aangewezen zijn op infrastructuur van derden (meestal dagscholen) en de zogenaamde gastheren hun infrastuctuur overdag niet kunnen of wensen vrij te geven.

       

Niet alleen de beperkte toegankelijkheid van de infrastructuur remt het volwassenenonderwijs. Ook de aard van de in de dagscholen aanwezige infrastructuur is vaak niet (meer) toereikend. Een opmerkelijk voorbeeld zijn de computeropleidingen. In tegenstelling met het volwassenenonderwijs kent het secundair onderwijs veel minder de behoefte om steeds de laatste softwareversies aan te bieden. Hieruit volgt dat de eisen die het secundair onderwijs en het volwassenenonderwijs aan de hard- en software stellen sterk uiteenlopen. Ook het aanbod zelf loopt steeds verder uit elkaar. De avondschool dient hierdoor licentierechten voor software te betalen die niet gedeeld kunnen worden met het secundair onderwijs omdat ze daar niet gebruikt worden en vice versa.

  

Soms wordt het volwassenenonderwijs er zelfs mee geconfronteerd dat door hen aangeboden succesvolle opleidingen door de dagschool waarmee ze de infrastructuur delen worden stopgezet. De volledige last om de infrastructuur operationeel te houden, komt dan ineens bij het volwassenenonderwijs te liggen. Voor opleidingen die zwaar (lees duur) materiaal gebruiken is dit quasi onhoudbaar omdat de financiering van het volwassenenonderwijs daar niet is op voorzien en vertrekt vanuit de veronderstelling dat de infrastructuur aanwezig is en deels of zelfs volledig wordt onderhouden door derden (i.c. de dagscholen).

  

In dit opzicht is het belangrijk te weten dat het volwassenenonderwijs in tegenstelling met het basisonderwijs en secundair onderwijs van de overheid geen dotaties (werkingsmiddelen) ontvangt en als inkomstenbron voor haar volledige werking beroep moet doen op het inschrijvingsgeld van de cursisten. Met uitzondering van de lonen die door het departement onderwijs worden betaald, moeten alle kosten terugverdiend worden met inschrijvingsgeld. Inhuring van gebouwen, energiekosten, aanschaf van meubilair en didactisch materiaal, verzekeringen, onderhoudskosten, kantoorbenodigdheden, publiciteits- en representatiekosten, nascholingen, etc

   

Er zijn situaties waar het volwassenenonderwijs en de gastheren met wie ze de infrastructuur delen goed samenwerken ... doch ze zijn zeldzaam. En de realiteit dat de belangen van de verschillende partijen steeds verder uit elkaar gaan groeien, doet ons vrezen dat het alleen maar erger zal worden.

  

Het volwassenenonderwijs is volwassen geworden en moet op eigen benen kunnen staan.

   

De verankering aan voornamelijk netgebonden secundaire scholen hypothekeert de verdere groei van het volwassenenonderwijs.

   

Het idee om de "centra voor volwassenenonderwijs" en de "centra voor basiseducatie" regionaal te doen samenwerken in netoverschreidende consortia is aldus de directie van CVO PANTA RHEI de Avondschool een terechte keuze.

  

Het volwassenenonderwijs heeft behoefte aan meer financiële slagkracht.

Wie het in die context verantwoordbaar vindt om gemeenschapsgeld te versnipperen onder meerdere onderwijsnetten, miskent de specifieke noden van het volwassenenonderwijs of verdedigt andere belangen.

     

De opsplitsing van het Vlaamse onderwijs in onderwijsnetten is echter één van de heilige huisjes die men liever niet ter discussie stelt. De onderwijskoepels staan dan ook eerder argwanend tegenover de "netoverschrijdende regionale consortia". De onderwijskoepels vrezen steeds meer bevoegdheden te zullen moeten afstaan aan de consortia.

   

Naast een beter beheer van beschikbare middelen zal het samenwerken in consortia ook zorgen voor meer structuur binnen het volwassenenonderwijs. Een belangrijke voorwaarde op weg naar een meer doorgedreven professionalisering van de sector.  

   

   

      Naar boven
      ©2004 Avondschool.be - info@avondschool.be - T:09 335 22 22 - Adressen